| De vagina (latijns
voor schede) is het uitwendige vrouwlijk geslachtsorgaan.
Het lijkt alsof de vagina alles is wat er
'van onderen' zit, maar goed kijken leert
dat er meer is en dat de vagina eigenlijk
slechts het inwendige deel is.
Er zijn uiteraard diverse soorten en maten.
De clitoris
(kittelaar) is groter dan het buitenste
zichtbare deel, dat een roze zacht bobbeltje
is. Zij loopt door naar achteren en als
een hoefijzer naar beide zijkanten, achter
beide buitenste lippen langs. Zij zijn als
zwellichamen te beschouwen. De clitoris
zit 'in rust' verscholen achter haar voorhuid,
de plooien van de binnenste lippen die samenkomen.
Onder de clitoris zit de uitgang van de
urinebuis (plasgaatje). Daaronder begint
de ingang van de vagina, een elastische
buis bekleed met slijmvlies. Bij vrouwen
die nog nooit iets in de vagina ingebracht
hebben (tampon, vinger, penis),
bevindt zich aan het begin van de vagina
het zogenaamde maagdenvlies (latijns:hymen).
Het is niet zozeer een vlies dat de ingang
afsluit maar wat stug weefsel aan de rand.
Dit lijkt de vagina wat nauw te maken en
soms kan bij het inbrengen van iets dit
weefsel gaan scheuren en wat gaan bloeden.
Bij een groot deel van de vrouwen zal dat
niet gebeuren, zeker niet als de rand soepel
is of als de vrouw ontspannen is op het
moment dat zij iets naar binnen brengt.
De vagina is overigens sowieso bijna nooit
te nauw, uitgezonderd bij het reeds genoemde
zeldzame stugge maagdenvlies, bij een slecht
litteken na een geboorte en bij zeldzame
aangeboren afwijkingen. Inwendig is de vagina
zeer rekbaar. Vrouwen die haar vagina als
te nauw ervaren hebben mogelijk last van
een vaginistische reactie.
Aan de buikzijde van de vagina, ongeveer
3-4 cm vanaf de ingang, zou zich de zogenaamde
G-plek bevinden. Of alle vrouwen dit hebben
is onduidelijk, vast staat wel dat sommige
vrouwen deze plek als prikkelend ervaren.
Aan het eind van de vagina is de baarmoedermond
gelegen, het begin van de baarmoeder.
Het deel dat onder en rondom de vagina
ligt, dat wil zeggen uitwendig maar tussen
de binnenste lippen, wordt wel vulva (voorhof)
genoemd. Deze wordt afgesloten door de binnen-
en buitenlippen die in rust tegen elkaar
aanliggen.
De benaming 'grote' en 'kleine' schaamlippen
is eigenlijk niet juist. Ten eerste omdat
groot en klein relatieve begrippen zijn.
Bij een redelijk deel van de vrouwen zijn
de zogenaamde kleine schaamlippen namelijk
groter dan de grote lippen. Ten tweede is
de oorspronkelijke Latijnse naam labia,
dat 'lippen' betekent. Dat 'schaam' er later
aan toe is gevoegd heeft niets met anatomie
maar alles met cultuur te maken.
Tussen schaambot ('venusheuvel') en stuit
bevindt zich een spierplaat, de zogenaamde
bekkenbodem, welke de drie openingen anus,
vagina en urinebuis omgeeft. Deze spierplaat
kan bewust worden aangespannen. Soms gebeurt
dit onbewust en dat kan tot problemen leiden.
|